Betekenisvol Bonairiaans burgerschapsonderwijs
“Je kunt niet op Bonaire wonen en niets van Bonaire afweten, dan ben je een half mens” Duidelijke taal van juf Sonia Janga. Ze is remedial teacher op het Integraal Kind Centrum (IKC) van de Bonairiaanse basisschool Kolegio Kristu Bon Wardador. Ze deed deze uitspraak toen ze door ons werd geïnterviewd over het Bonairiaans burgerschapsprogramma, dat recent voor vier basisscholen op het eiland is ontwikkeld. De noodzaak om een burgerschapsprogramma te ontwikkelen kwam voort uit het feit dat het onderwijs op Bonaire – in de hoedanigheid van bijzondere gemeente binnen het Koninkrijk der Nederlanden – uitgaat van vrijwel dezelfde richtlijnen als voor scholen in Europees Nederland. Daar hoort de burgerschapsopdracht uit 2021 ook bij.
In deze bijdrage staan we achtereenvolgens stil bij: 1) de visie achter en uitgangspunten voor het betekenisvolle Bonairiaans burgerschapsonderwijs, 2) de wijze waarop scholen dit burgerschapsonderwijs hebben ontwikkeld en geïmplementeerd en 3) succesfactoren en uitdagingen die de scholen tijdens het proces ondervonden.
Inzichten over het Bonairiaanse burgerschapsonderwijsprogramma zijn ook relevant voor scholen in Europees Nederland, die een (cultureel) diverse leerlingpopulatie hebben: ook zij moeten stilstaan bij de vraag welk (burgerschaps)onderwijs voor hun leerlingen betekenisvol is.
Bart Wagemakers is lerarenopleider Geschiedenis bij Instituut Archimedes (Hogeschool Utrecht) en docentonderzoeker in het lectoraat Curriculumvraagstukken Funderend Onderwijs van de Hogeschool Utrecht.
Abe Simao is organisatieadviseur bij Buro Hebe en was daarvoor managementconsultant en beleidsmedewerker bij de Stichting Birgen Maria Onderwijs en Opvang op Bonaire. Hij was daar initiatiefnemer van het Bonairiaans burgerschapsprogramma.
Hanneke Tuithof was docent geschiedenis en is nu vakdidacticus en onderzoeker bij de Universiteit Utrecht en hoofddocent Mens en Maatschappijvakken bij het lectoraat Curriculumvraagstukken Funderend Onderwijs bij de Hogeschool Utrecht.
Inleiding
Vanaf 1 augustus 2021 zijn alle Nederlandse scholen voor primair en voortgezet onderwijs verplicht om burgerschap te bevorderen. Het gaat daarbij niet alleen om democratisch burgerschap, maar ook om de bevordering van sociale cohesie. In de wet zijn minimumeisen geformuleerd, waardoor scholen veel ruimte hebben om burgerschap zo in te vullen dat het bij hun visie en leerlingen past. In principe is burgerschap geen apart vak en het kan op verschillende manieren worden bevorderd.
|
De minimumeisen in het primair, voortgezet en speciaal onderwijs vallen binnen de volgende drie invalshoeken (www.onderwijsinspectie.nl/onderwerpen/burgerschap/wettelijke-opdracht):
|
Dat scholen op Bonaire zich ook moeten houden aan deze burgerschapsopdracht, werd duidelijk tijdens het bezoek dat de Onderwijsinspectie in 2021-2022 bracht aan de vier katholieke bassischolen die in de stichting Birgen Maria Onderwijs en Opvang verenigd zijn. De scholen kregen van de inspectie de waarschuwing dat er tijdens de volgende inspectieronde een stevig burgerschapsprogramma moest staan. Naast deze wettelijke verplichting, speelt er iets anders. Scholen op Bonaire ervaren spanning tussen enerzijds het op Europees Nederlands gerichte curriculum en anderzijds het verlangen van leerlingen om onderwijs te krijgen waarmee zij zich verwant voelen en waarin zij Bonaire herkennen.
Om zowel het knelpunt rond de wettelijke burgerschapsopdracht, als het knelpunt van aanbieden van onvoldoende betekenisvol onderwijs aan te pakken, is binnen de stichting gestart met het ontwikkelen van een programma voor betekenisvol Bonairiaans burgerschap. Dit moet de scholen richting en handvatten bieden. Om inzicht te krijgen in het ontwikkel- en implementatieproces dat daarop volgde, hebben wij onderzoek gedaan op deze vier basisscholen. We bestudeerden beleidsdocumenten en bevroegen directie en leerkrachten over het tot stand komen en implementeren van het burgerschapsprogramma. Op drie scholen deden we dit door het afnemen van semigestructureerde interviews. Op de vierde school hebben we informeel met de directie en het kernteam gesproken (dat bestond uit de taal-, rekenen- en ICT-coördinatoren en de interne begeleider).
De visie op en uitgangspunten van Bonairiaans burgerschap
In 2021 was burgerschap nog geen thema op de vier scholen van stichting Birgen Maria Onderwijs en Opvang. Er werden al veel activiteiten georganiseerd die je burgerschapsonderwijs zou kunnen noemen. Het woord ‘burgerschap’ werd echter nauwelijks gebruikt. Het mag duidelijk zijn dat burgerschap in Caribisch Nederland niet op dezelfde wijze ingevuld kan worden als burgerschap in Europees Nederland. De verschillen gaan namelijk verder dan die qua topografische ligging, klimaat en temperatuur. Ze gaan ook over de uiteenlopende ontstaansgeschiedenis, taal, cultuur, normen en waarden (Simao, 2023).
Abe Simao schreef op basis van literatuurstudie en gesprekken met stakeholders de visie van de school en uitgangspunten voor hun onderwijs. Hierin wordt rekening gehouden met deze verschillen. Het behoud van de unieke Bonairiaanse culturele identiteit voor de volgende generaties staat hierin centraal. Bonairiaans betekenisvol burgerschapsonderwijs moet er toe leiden dat leerlingen een duidelijk en samenhangend beeld van hun culturele identiteit krijgen, waardoor ze stevig in de huidige realiteit kunnen staan. Ze moeten worden uitgedaagd om na te denken over hun identiteit en over hun rol als toekomstig burger in de Bonairiaanse samenleving. Hoe beter de leerlingen hun eigen cultuur begrijpen en waarderen, hoe beter ze de ander kunnen begrijpen. De school heeft als doel burgerschap als een doorlopende leerlijn door alle jaarlagen en vakken heen te programmeren (Simao, 2023).
De visie en uitgangspunten voor het Bonairiaanse burgerschap heeft de stichting vervolgens geconcretiseerd in zes ‘pilaren’, die implementatie van de visie en uitgangspunten moest vergemakkelijken. Deze dienen als fundament voor het burgerschapsprogramma[1] (zie tabel 1).
Tabel 1 De zes pilaren van Bonairiaans burgerschapsonderwijs
|
Pilaar |
Toelichting |
|
Taal |
Papiaments als kernelement van de unieke Bonairiaanse identiteit, hun thuis- en voertaal[2] |
|
Geloof |
Het katholieke geloof als bron van inspiratie, kader van de normen en waarden en kalender van culturele activiteit |
|
Geschiedenis |
De ontstaansgeschiedenis van de Bonairiaanse samenleving en het fundament van haar cultuur. Het Bonairiaanse venster naar de wereldgeschiedenis |
|
Kunst & Cultuur |
Bonairiaanse kunsten en desbetreffende cultuureducatie, zoals kookkunst, beeldende kunst, theater en drama, muziek, zang en dans. Van folklore tot de moderne 21st eeuw |
|
Natuur |
De Bonairiaanse flora en fauna. De rol van de samenleving in duurzaam toerisme en de bescherming en het behoud van de natuur op het eiland, op land en onder water |
|
Maatschappij & Democratie |
De actuele maatschappelijke en politieke/democratische verantwoordelijkheden voor de leerlingen verduidelijken. Inclusief de topografische plek van Bonaire in de wereld en plaats in de sportwereld |
Stichting Birgen Maria Onderwijs en Opvang heeft ook gepoogd de huidige kerndoelen te ‘vertalen’ naar de Bonairiaanse context en daarin Bonairiaanse normen en waarden te verwerken (zie tabel 2; Simao, 2023).
Tabel 2 Kerndoelen gezien vanuit de Bonairiaanse normen en waarden zoals Stichting Birgen Maria Onderwijs en Opvang die hanteert (Simao, 2023).
|
Kerndoelen voor primair onderwijs |
|
Kerndoel 34 – De leerlingen leren zorg te dragen voor de lichamelijke en psychische gezondheid van henzelf en anderen. Aanpassing aan Bonairiaanse context |
|
Kerndoel 37 – De leerlingen leren zich te gedragen vanuit respect voor algemeen aanvaarde waarden en normen. Aanpassing aan Bonairiaanse context |
|
Kerndoel 38 – De leerlingen leren hoofdzaken over geestelijke stromingen die in de Nederlandse multiculturele samenleving een belangrijke rol spelen, en ze leren respectvol om te gaan met seksualiteit en met diversiteit binnen de samenleving, waaronder seksuele diversiteit. Aanpassing aan Bonairiaanse context |
|
Kerndoel 39 – De leerlingen leren met zorg om te gaan met het milieu. Aanpassing aan Bonairiaanse context |
|
Kerndoel 53 – De leerlingen leren over de belangrijke historische personen en gebeurtenissen uit de Nederlandse geschiedenis en kunnen die voorbeeldmatig verbinden met de wereldgeschiedenis. Aanpassing aan Bonairiaanse context |
Zowel de in tabel 1 genoemde pijlers als de in tabel 2 genoemde naar Bonairiaanse context ‘vertaalde’ kerndoelen, geven de scholen houvast om een herkenbaar en samenhangend burgerschapsprogramma voor alle jaarlagen neer te zetten.
De wijze waarop scholen het burgerschapsprogramma hebben ontwikkeld en geïmplementeerd
In schooljaar 2023-2024 hebben de scholen een start gemaakt met de implementatie van het Bonairiaanse burgerschapsprogramma. Er zijn afspraken gemaakt over de inzet van relevante onderwijsmiddelen. Aspecten van Bonairiaans burgerschap hebben daardoor een plek in bijvoorbeeld de taallessen, het godsdienstonderwijs, in het vak Wereldoriëntatie, in de muziek- en dramalessen, bij handvaardigheid en lichamelijke oefening. Ook activiteiten buiten de lessen dragen bij aan burgerschap, zoals maandopeningen, kerkmissen en excursies. Om het Bonairiaans burgerschapsonderwijs goed te kunnen uitvoeren is er veel aandacht besteed aan het selecteren en ontwikkelen van passend lesmateriaal. Ook is bekeken met welke externe partners kan worden samengewerkt (Simao, 2023). Beide aspecten worden hieronder toegelicht.
Selectie en ontwikkeling van lesmateriaal
Geschikt lesmateriaal is van groot belang voor de implementatie van een betekenisvol burgerschapsprogramma. Op de scholen worden passend gevonden bestaande lesmethoden gecombineerd met nieuw lesmateriaal en educatief materiaal dat is ontwikkeld door externe partners. Met een deel van deze externe partners wordt bovendien samengewerkt bij de activiteiten die de scholen organiseren. Er volgt een aantal voorbeelden.
- Methode-gebonden lessen met al bestaand lesmateriaal: Veilig leren lezen (Nederlands), Trampoline en Fiesta di Idioma (Papiaments), Formashon Spiritual (godsdienst).
- Methode-gebonden lessen met speciaal ontwikkeld materiaal: voor Wereldoriëntatie is speciaal voor Caribisch Nederland de methode Wereldwijzer ontwikkeld (Wilma Bohm-Sandig en Irene Gould). De methode is bestemd voor groep 4 tot en met 8 en gaat uit van de domeinen Mens & Samenleving, Natuur & Techniek, Ruimte en Tijd. Leerlingen leren onder meer over verschillende bario’s (wijken) op Bonaire, de betekenis van de kleuren op de Bonairiaanse vlag, het slavernijverleden, de eiland-specifieke natuur en eigen identiteit.
- Inzet van materialen en activiteiten om leerlingen te vormen tot volwaardige burgers met sterke culturele identiteit: een leerlingenraad met gekozen vertegenwoordigers, maandopeningen waarbij leerlingen de Bonairiaanse vlag hijsen en het volks- en schoollied zingen, vieren van religieuze feesten en een cultuurmaand waarin aandacht wordt besteed aan het Bonairiaanse leven van vroeger en nu.
- Educatief aanbod van externe partners: ProDemos ontwikkelt materiaal waarmee leerlingen kennismaken met de democratie en rechtstaat binnen de Bonairiaanse context. Het Bonaire Archeologisch Instituut initieerde een interactief evenement: ‘De nieuwe wereld’, waarbij de Bonairiaanse geschiedenis toegankelijk is gemaakt voor leerlingen van groepen 3 en 4. Hierbij komt ook het slavernijverleden aan bod (Simao, 2024). In schooljaar 2023-2024 werd een pilot uitgevoerd met de ‘Module Bonaire’. Dit project heeft als doel leerlingen bewust te maken van hun eigen omgeving, cultuur en identiteit. Het projectmateriaal bevat niet alleen kennis over het eiland, maar daagt leerlingen ook uit om opdrachten te maken over en onderzoekjes te doen naar hun eigen leefomgeving (Wagemakers, 2024).
De reacties naar aanleiding van de pilot met ‘Module Bonaire’ zijn positief, zowel van leerkrachten als van leerlingen. Leerlingen vinden het leuk om op een actieve manier bezig te zijn met het eiland. Het project sluit aan op hun belevingswereld. ‘Module Bonaire’ blijkt niet alleen leerzaam voor de leerlingen, maar ook voor de leerkrachten. Juf Sudeska Thode zegt hierover[3]: “Je denkt dat je veel weet over je eigen eiland, maar door ‘Module Bonaire’ leer je toch weer meer”.
Betrokkenen vanuit de scholen en externe partners
Vanuit de scholen zijn directies en burgerschapscommissies verantwoordelijk voor de implementatie van het burgerschapsonderwijs. De burgerschapscommissies bestaan uit leerkrachten en in enkele gevallen een burgerschapscoördinator. De commissies coördineren de activiteiten binnen het burgerschapsprogramma. Ook ontwikkelen zij educatief materiaal en initiëren ze nieuwe projecten en activiteiten. De lessen en activiteiten worden uitgevoerd door de leerkrachten, onderwijsassistenten en pedagogische medewerkers van de school. Ouders worden betrokken bij de voorbereiding en uitvoering van burgerschapsactiviteiten: ze geven soms workshops, verlenen hand- en spandiensten en nemen samen met de leerlingen deel aan de activiteiten.
De burgerschapscommissie en leerkrachten hebben contact met de externe partners. Er is samenwerking met specifieke personen (bijvoorbeeld pastoor Marc Hooijschuur), met organisaties[4], cultuur-historische musea[5] en de lokale overheid[6]. Als gastdocenten verzorgen zij complete lessenseries over bijvoorbeeld Bonairiaanse flora en fauna of ze verzorgen muzieklessen waarbij zowel in het Nederlands, Papiaments als Engels wordt gezongen. De externe partners organiseren eilandelijke sportcompetities tussen de scholen[7] en verzorgen voor Bonairiaans burgerschap relevante excursies naar bijzondere locaties op het eiland.
Succesfactoren en uitdagingen die de scholen ondervonden
Dankzij het ontwikkelde Bonairiaans burgerschapsprogramma zijn er op de vier basisscholen van stichting Birgen Maria Onderwijs en Opvang behoorlijke stappen gezet in de ontwikkeling van betekenisvol Bonairiaans burgerschapsonderwijs. Daarvoor is binnen de wettelijke burgerschapsopdracht verbinding gemaakt met de Bonairiaanse context. Burgerschapsonderwijs gaat immers niet alleen over hoe een land of regio zichzelf ziet, maar ook over hoe leerkrachten, leerlingen en hun ouders zichzelf zien en zich verhouden tot hun geschiedenis, cultuur en leefomgeving. Of, zoals juf Charlote Spanner[8] het verwoordde: “Bonaire heeft zijn eigen identiteit en ik denk dat dat heel belangrijk is voor onze leerlingen en voor onze docenten. Wie ben je? En wat betekent dat allemaal?”.
Een belangrijke verklaring voor de progressie die is gemaakt in het ontwerpen en uitvoeren van het betekenisvolle Bonairiaans burgerschapsprogramma, is dat er draagvlak voor is. De ontwikkelde pilaren (tabel 1) en ‘vertaalde’ kerndoelen (tabel 2) worden onderschreven door schooldirecties, leerkrachten en ondersteunend personeel. Ze zijn allen overtuigd van het belang van de gekozen lokale invalshoek. Ze zijn trots op hun eiland en vinden dan ook dat haar geschiedenis, cultuur en omgeving binnen het onderwijs erkend moeten worden.
De aangebrachte structuur in een op elkaar afgestemd programma, heeft geleid tot eenheid. Eerst waren er losse burgerschapsactiviteiten zonder onderlinge afstemming. Nu zijn de lesmaterialen en onderwijsactiviteiten achtereenvolgens geïnventariseerd, geselecteerd op basis van de inhoud uit de zes pilaren en ‘vertaalde’ kerndoelen en zijn ze beter op elkaar afgestemd. Hierdoor zijn hiaten zichtbaar geworden en daardoor kan er nu gezocht worden naar gewenste invulling.
Een andere succesfactor is de heldere organisatiestructuur die is opgezet. De bovenschoolse burgerschapscoördinator zorgt voor korte communicatielijnen tussen het stichtingsbestuur, de schooldirecties en burgerschapscoördinatoren of burgerschapscommissies en waarborgt bovendien eenduidige communicatie. Hierdoor zijn alle betrokkenen – inclusief docenten en ondersteunend personeel – op de hoogte van wat er van hen verwacht wordt.
Er zijn ook enkele aandachtspunten. Zo is het van belang dat de leerkrachten voldoende gefaciliteerd worden om het burgerschapsprogramma vorm te geven. Op dit moment wordt er in beperkte mate ontwikkeltijd voor de individuele leerkrachten gereserveerd, terwijl de druk op het onderwijs en jeugdzorg op Bonaire al groot is, mede vanwege armoede (Nationale Ombudsman, 7 april 2022; Middelbeek, Van der Vegt & Sligte, 2020).
Een ander aandachtspunt is dat er nog onvoldoende geschikt lesmateriaal beschikbaar is. Zo is er bij ‘de pilaar Geschiedenis’ behoefte aan een Canon van de Bonairiaanse geschiedenis (iets wat op de eilanden Aruba en Curaçao al wel in ontwikkeling is). Voor ‘de pilaar Maatschappij & Democratie’ zijn scholen nog in afwachting van het lesmateriaal van ProDemos.
Bovendien is beschikbaar lesmateriaal vaak Nederlandstalig. Dat is voor veel leerlingen een uitdaging. Naast Papiaments – dat de dagelijkse voertaal is en de cultuur van Bonaire representeert – wordt ook Spaans, Engels en Nederlands gesproken. Taal doet ertoe, zeker als het gaat om onderwijs dat zich focust op de identiteitsontwikkeling van leerlingen. Juist voor betekenisvol burgerschapsonderwijs is dus meertalig lesmateriaal nodig.
Ten slotte is, zoals al eerder is aangegeven, de samenwerking met de externe partners belangrijk. Voor het uitvoeren van activiteiten buiten de school zijn scholen afhankelijk van de mogelijkheden die de partners bieden, maar ook van de keuzes die de partners maken. Dit pakt voor de scholen niet altijd gunstig uit. Zo vertelde een leerkracht dat zij met haar klas bij één van de partners niet welkom was, omdat die de voorkeur gaf aan het ontvangen van een groep toeristen van één van de cruiseschepen die in de haven lag. Bovendien moet de school voor een bezoek aan een partnerinstelling transport organiseren, vanwege het ontbreken van openbaar vervoer op het eiland.
Conclusie
Tijdens haar bezoek aan Bonaire in 2021-2022 waarschuwde de Onderwijsinspectie de scholen nog dat er de volgende inspectieronde een stevig burgerschapsprogramma moest staan. In maart 2024 landde de Inspectie wederom op het eiland, om een kritische blik te werpen op de schoolbesturen en scholen van het eiland. En: om het Bonairiaans burgerschapsprogramma tegen het licht te houden. Ditmaal waren de inspecteurs een stuk positiever in hun oordeel: “Kristu Bon Wardador heeft, net als alle scholen van het bestuur, een duidelijk plan gemaakt voor het onderwijs in burgerschap passend bij de leerlingenpopulatie[9]. Meerdere onderdelen van dit plan worden ook uitgevoerd. Hier hebben we mooie voorbeelden van gezien. Het is nu belangrijk de volgende stap te zetten in het formuleren van concrete leerdoelen en meer samenhang aan te brengen in de opbouw in de verschillende leerjaren.” (Inspectie van het Onderwijs, 2024). Naast deze positieve geluiden over en constructieve feedback op de stand van zaken wat betreft het Bonairiaans burgerschapsprogramma, beoordeelde de inspectie de scholen van het bestuur op alle onderzochte standaarden met ‘voldoende’ en ‘goed’. Eén school sprong er zelfs uit door op vier standaarden de beoordeling ‘goed’ te krijgen: een paradigmaverschuiving voor het onderwijs op Bonaire!
Deze bijdrage is gereviewd door de hoofdredactie.
Bibliografie
Inspectie van het Onderwijs. 11 juli 2024. Rapport: “Kolegio Kristu Bon Wardador. Tweejaarlijks Kwaliteitonderzoek Caribisch Nederland” (Kwaliteitsonderzoek bij Kolegio Kristu Bon Wardador, Bonaire | Rapport | Inspectie van het onderwijs (onderwijsinspectie.nl))
Middelbeek, Leonie, Anne Luc van der Vegt en Henk Sligte. 2020. Evaluatie onderwijszorg Caribisch Nederland. Eindrapportage. Utrecht: Oberon.
Nationale Ombudsman. 7 april 2022. Rapport 2022/058: “Caribische kinderen van de rekening” (Caribische kinderen van de rekening (nationaleombudsman.nl))
Platform Actualisatie Kerndoelen Burgerschap. z.d. (Actualisatie kerndoelen burgerschap | SLO)
Simao, Abe. 2023. Bovenschools Beleidsstuk ‘Boneriaans Burgerschap’ SBMO. Kralendijk.
Simao, Abe. 2024. Essay. ‘Onder de tamarindeboom’. Linkedin 14 januari 2024. ((3) Onder de tamarindeboom | LinkedIn)
SLO. 2021. Tule – oriëntatie op jezelf en de wereld. (Oriëntatie op jezelf en de wereld – SLO)
Wagemakers, Bart. 2024. Module Bonaire: een veelbelovend vakoverstijgend project voor betekenisvol onderwijs. In Tuithof, Hanneke en Jefta Bego (red.). Wat Werkt als je Samenwerkt. Voorbeelden van samenwerking tussen vakken, pp. 57-69. Landelijk Expertisecentrum Mens- en Maatschappijvakken.
[1] Op Kolegio San Luis Bertran in Rincon is een zevende pilaar in ontwikkeling, namelijk ‘Gezondheid/gezond leven en eten’. Dit is een grote uitdaging op Bonaire, vanwege aan armoede gerelateerde gezondheidsklachten en obesitas. Hierin wordt de wens vertaald om terug te keren naar de Kunuku lifestyle (post-slavernij periode), waarin op het platteland (kunuku) groente en fruit verbouwd werd en men vee hield.
[2] De actuele ontwikkeling is dat Nederlands de instructietaal blijft, maar dat het vak Nederlands wijzigt in ‘Nederlands als Vreemde Taal’. Tegelijkertijd wordt het vak Papiamentu geprofessionaliseerd.
[3] Leerkracht groep 8 van Kolegio Kristu Bon Wardador (8 februari 2024).
[4] Bijvoorbeeld Stinapa (natuurbescherming), Sentro Tuturutu (muziek) en Instituto di Deporte Boneriano/INDEBON (sport).
[5] Terramar Museum, Museo Chich’i Tan en Mangasina di Rei.
[6] Bijvoorbeeld cultuureducatie van Edukashon Kultural Artistiko di Kalidat (EKADK) onder penvoerderschap van de stichting Art, Culture & Education (ACE) van Segni Bernadina.
[7] Na schooltijd worden de ingeschreven leerlingen naar sportaccommodaties vervoerd om wedstrijden te spelen tegen delegaties van de andere scholen.
[8] Coördinator Burgerschap op Kolegio San Luis Bertran, Rincon (6 februari 2024).
[9] Cursivering aangebracht door ons.