Instructie én probleem-oplossende taak, maar wat komt eerst? (nr. 3 sep 2021)

In onderwijsmiddens is iedereen het erover eens dat probleemoplossende activiteiten niet op zichzelf kunnen staan, instructie en begeleiding blijven cruciaal. Maar welke plaats dient deze instructie in te nemen in het onderwijs- en leerproces?  Eerst instructie en dan leerlingen aan het werk zetten met een probleemoplossende taak (I-PO) of starten met de probleemoplossende taak gevolgd door instructie (PO-I)? En welke taak is hier dan het meest geschikt voor? Deze bijdrage brengt verslag uit over het onderwijsexperiment dat zowel het volgorde-effect van instructie en probleemoplossen als de invloed van taakkenmerken naging. Dit onderzoek werd uitgevoerd bij leerlingen van het 6de jaar secundair onderwijs in Vlaanderen binnen het vak aardrijkskunde. Uit onze resultaten blijkt dat leerlingen instructie waardevoller achten wanneer deze instructie op de probleemoplossende taak volgt. Daarnaast zijn leerlingen ook gemotiveerder en stellen ze meer vragen tijdens het instructiemoment wanneer instructie op probleemoplossen volgt. Met betrekking tot de cognitieve variabelen vonden we geen significant verschil in leerwinst tussen PO-I en I-PO bij de meer gestructureerde taak, maar stelden we wel een significant hogere leerwinst vast in het voordeel van de PO-I conditie wanneer leerlingen een meer open taak maakten voorgaand aan de instructie. We kunnen dit resultaat op basis van voorgaand onderzoek verklaren vanuit het productive failure principe. PO-I-leerlingen waren tijdens de instructiefasen meer gemotiveerd en vonden de instructie waardevoller. Uitgestelde instructie leidt ook tot meer vragen en actievere verwerking. Dit alles wijst erop dat PO-I-leerlingen hun voorkennis activeerden tijdens de probleemoplossingsfase en dat ze hun knowledge gaps konden detecteren, waardoor ze doelgericht aan de slag konden tijdens het instructiemoment. De autonomiesatisfactie was ook groter bij leerlingen die eerst de probleemoplossingsactiviteit kregen. Daarnaast was de autonomie bij PO-I-leerlingen groter tijdens de tweede instructiefase (na de open taak) dan tijdens de eerste instructiefase (na de gesloten taak) wat aantoonde dat een taak met meer keuzevrijheid het gevoel van autonomie – en dus ook de motivatie – bevordert.

Kernwoorden: Probleemoplossend leren – Aardrijkskunde – Volgorde-effect – Taakkenmerken

Marieke Pieters (onderzoeksmedewerker en leerkracht aardrijkskunde, KU Leuven)
Kim Dekeyser (onderzoeksmedewerker en leerkracht informatica, KU Leuven)
Annelies Raes (Senior Researcher KU Leuven en Gastprofessor Université de Lille)

Download ‘Instructie én probleem-oplossende taak, maar wat komt eerst?’ – dimensies nr3 sep 2021 (pdf)